De Aspartaam-informatieservice reageert op beweringen gedaan in onderzoek dat werd gefinancierd door Organix Brands PLC
De Aspartaam-informatieservice wijst beweringen van de hand over de veiligheid van aspartaam die worden gedaan in een onderzoeksrapport van Karen Lau en andere toxicologen dat is gefinancierd door Organix Brands PLC.
Aspartaam wordt gemaakt van twee aminozuren, delen van proteïnen die identiek zijn aan delen die worden aangetroffen in bijvoorbeeld vlees, kaas, vis of moedermelk. Wanneer we aspartaam consumeren wordt dit door het spijsverteringssysteem afgebroken tot zeer kleine hoeveelheden veelvoorkomende voedingsstoffen. Aspartaam voegt dus niets nieuws toe aan het voedingspatroon.
De twee aminozuren in aspartaam zijn asparaginezuur en fenylalanine. Deze twee aminozuren consumeren we in veel grotere hoeveelheden in ons dagelijkse voedsel bij een normaal eetpatroon. Zo bevat een glas melk van 220 ml bijvoorbeeld zeven keer zoveel asparaginezuur en drie keer zoveel fenylalanine als een blikje of flesje frisdrank van 330 ml dat uitsluitend wordt gezoet met aspartaam. Een pasgeboren baby krijgt per dag meer asparaginezuur en fenylalanine binnen in de moedermelk dan er zit in een liter frisdrank die wordt gezoet met aspartaam.
De rapport meldt een onderzoek waarin de cellen van muizen in het laboratorium werden blootgesteld aan onverteerde aspartaam. Deze blootstelling van muizencellen aan aspartaam is echter op geen enkele manier relevant voor de menselijke gezondheid. Zoals hierboven al werd opgemerkt, wordt aspartaam door de spijsvertering afgebroken tot de twee componenten waar het uit is opgebouwd en komt het zelf niet in het lichaam terecht. Dit rapport geeft dus geen enkele zinvolle informatie over de veiligheid van aspartaam.
Aspartaam wordt al 25 jaar veilig gebruik. Het is in ruim 130 landen onderzocht en goedgekeurd door overheden en het heeft de goedkeuring van het Wetenschappelijk Comité voor de menselijke voeding (SCF) van de Europese Commissie en van experts van de Voedsel- en landbouworganisatie van de Verenigde Naties en de wereldgezondheidsorganisatie.
In haar onderzoek naar aspartaam, dat werd gepubliceerd in december 2002, verklaarde het Wetenschappelijk Comité voor de menselijke voeding van de Europese Commissie dat "Aspartaam uniek is onder de intense zoetstoffen omdat de opname van de samenstellende delen kan worden vergeleken met opname van dezelfde substanties uit natuurlijke voedingsstoffen".
Doordat aspartaam levensmiddelen kan zoeten zonder calorieën, levert het een zinvolle bijdrage aan een gezond eetpatroon. Het is bijzonder onwenselijk bij mensen angst te wekken voor een veilig en gezond voedselingrediënt dat hen helpt hun calorieconsumptie te beperken, juist op een moment waarop overheden en gezondheidsdeskundigen zich steeds grotere zorgen beginnen te maken over obesitas en overgewicht.
20 december 2005




