Sucrose vergeleken met kunstmatige zoetstoffen: de verschillende effecten op ad libitum voedselconsumptie en lichaamsgewicht na 10 wk supplementatie in onderzoekspersonen met overgewicht.
Anne Raben, Tatjana H Vasilaras, A Christina MØller, and Arne Astrup
SAMENVATTING
Achtergrond: De rol van kunstmatige zoetstoffen bij de regulering van het lichaamsgewicht is nog steeds onduidelijk.
Doelstelling: Wij onderzochten het effect van de langdurige vervanging van dranken en voedsel door alternatieven die sucrose of kunstmatige zoetstoffen bevatten op de ad libitum voedselconsumptie en lichaamsgewicht bij proefpersonen met overgewicht.
Model: Gedurende 10 weken consumeerden mannen en vrouwen met overgewicht dagelijks supplementen van sucrose [n = 21, body mass index (BMI; in kg/m2) = 28,0] of kunstmatige zoetstoffen (n=20, BMI = 27,6). De sucrosesupplementen leverden gemiddeld 3,4 MJ en 152 g sucrose/d en de zoetstofsupplementen leverden 1,0 MJ en 0 g sucrose/d.
Resultaten: Na 10 weken maten we bij de sucrosegroep een toename van de totale energie (met 1,6 MJ/d), sucrose (tot 28% van energie), en koolhydraatconsumptie en afnamen in de vet- en proteïneconsumpties. De zoetstof-groep vertoonde een kleine maar significante afname in de sucroseconsumptie en de energiedichtheid. Het lichaamsgewicht en de vetmassa namen toe in de sucrosegroep (met respectievelijk 1,6 en 1,3 kg) en namen af in de zoetstofgroep (met respectievelijk 1,0 en 0,3 kg); de verschillen tussen de groepen waren significant met P< 0,001 (lichaamsgewicht) en P< 0,01 (vetmassa). De systolische en diastolische bloeddruk werd hoger in de sucrosegroep (met respectievelijk 3,8 en 4,1 mm Hg) en lager in de zoetstofgroep (met respectievelijk 3,1 en 1,2 mm).
Conclusies: Proefpersonen met overgewicht die tamelijk grote hoeveelheden sucrose consumeerden (28% van de energie), meestal in de vorm van dranken, hadden een verhoogde energieopname, lichaamsgewicht, vetmassa en bloeddruk na 10 weken. Dezelfde effecten werden niet waargenomen in een vergelijkbare groep proefpersonen die kunstmatige zoetstoffen consumeerde.
Am J Clin Nutr 2002; 76: 721-9




